
Imposter syndrome, een persoonlijk verhaal
De immer parate innerlijke criticus
Alsof ik een heuse black-out had! Zo voelde het toen ik begon met het schrijven van mijn allereerste blog. Uren gingen voorbij zonder dat er ook maar één woord uit mijn toetsenbord vloeide. Minutenlang zat ik te staren naar die dreigende, flikkerende cursor op het witte scherm. Nee, dit was geen writer’s block… Want ik ben helemaal geen schrijver, toch?
Aha, daar was hij weer: mijn immer parate innerlijke criticus. De ene negatieve gedachte na de andere raasde door mijn hoofd.
“Pfff… wat heb jij nu te vertellen dat nog niet gezegd is?”
“Waarom zou jij belangrijk genoeg zijn om je schrijfsels los te laten op de wereld?”
“Wat heb jij te zoeken op die social media-bühne, tussen al die ervaren bloggers?”
Om de dreigende cursor te ontlopen klapte ik geïrriteerd mijn laptop dicht en dook ik met m’n neus in een stapel exotische kookboeken. Nooit eerder zocht ik met zoveel enthousiasme een spannend recept uit om ’s avonds met liefde aan mijn vriend voor te schotelen.
Achter mijn keukenschort voelde ik mij zo verdomd goed en veilig. Hoe spannender het recept, hoe meer ik me kon focussen op het zorgvuldig snijden van alle ingrediënten, het perfect doseren van kruiden en specerijen, en het mindful roeren in de potten.
En vooral: hoe minder ik hoefde te denken aan die dreigende, flikkerende cursor.
Ik zat in een emotionele rollercoaster, waarin ik de rol van zelfverklaarde “wannabe”-blogger met grote opluchting inruilde voor die van herboren keukenprinses.
Een herkenbaar patroon
Dit gevoel was niet nieuw. En die dreigende, flikkerende cursor had zich eerder al in andere vormen getoond – zelfs toen ik nog een kind was. Zo stond ik als communicant in spe vooraan in de kerk, klaar om een voorbeeldig ingestudeerde tekst voor te dragen. Maar bij het zien van de opengesperde ogen van tientallen toeschouwers sloeg de verstomming toe, en met verstek gevende stembanden gaf ik mijn plaats vol schaamte af aan een klasgenootje.
Tijdens mijn loopbaan manifesteerde het zich loeihard toen ik gepromoveerd werd tot HR-manager met overkoepelende Europese verantwoordelijkheid. Bijna twee jaar lang worstelde ik mij dapper maar vol spanning door de meedogenloze arena van de tweewekelijkse managementmeeting met mijn “alfa man”-collega’s.
No way dat ik, de selfmade HR-professional en vrouw nota bene, die rol kreeg omwille van mijn talenten. Dit was puur geluk…
Imposter syndrome – een veelvoorkomend fenomeen
Wat ook mij af en toe overvalt, is niet zomaar een gevoel, maar een heus fenomeen: het imposter phenomenon, beter bekend als het imposter syndrome – of vrij vertaald: het oplichterssyndroom.
Het imposter phenomenon werd in 1978 voor het eerst beschreven door psychologen Pauline Rose Clance en Suzanne Imes. Ze omschreven het als het idee dat je prestaties of successen enkel te danken zijn aan geluk, niet aan je eigen kunnen. Je leeft constant met de angst om “door de mand te vallen”.
Aanvankelijk dacht men dat vooral vrouwen er last van hadden, maar later onderzoek toonde aan dat zowel mannen als vrouwen het ervaren – en dat maar liefst 70% van ons* ooit oog in oog komt te staan met het imposter monster. (*cijfers VS)
Hoe ontstaat imposter syndrome?
Over de oorzaken zijn de meningen verdeeld. Sommige experts leggen de link met persoonlijkheidskenmerken zoals angst of neuroticisme, anderen verwijzen eerder naar opvoeding, culturele verwachtingspatronen of zelfs institutionele discriminatie.
Belangrijk: het imposter syndrome is niet hetzelfde als faalangst. Het is niet dat je denkt iets niet te kunnen, maar eerder dat je gelooft dat je iets gekregen hebt wat je eigenlijk niet verdient.
En hoewel het geen “syndroom” is in medische zin, blijft de constante angst om “ontdekt” te worden een hardnekkige en erg belastende ervaring. Het heeft een nefaste impact op je mentale en fysieke gezondheid – én op je loopbaan.
Hoe ga je om met imposter syndrome?
Hoewel je het misschien niet helemaal kan uitroeien, zijn er wél manieren om ermee om te gaan. Dit zijn enkele handvatten om het imposter monster te lijf te gaan:
Praat erover
Weten dat het gevoel dat je hebt een naam heeft – en dat je lang niet de enige bent – kan enorm bevrijdend werken.
Laat het daar echter niet bij, want imposter syndrome gaat niet vanzelf weg.
Gek genoeg verdwijnt het ook niet met meer succes: hoe groter het succes, hoe erger het vaak wordt.
Blijf er dus niet mee zitten – doe er iets mee.
Ga op zoek naar de oorzaak
Door te achterhalen waar het gevoel vandaan komt, kun je je gedachten positiever bijsturen. Dat verzacht de schaamte en angst die ermee gepaard gaan. Enkele typische ‘gevoelige’ profielen:
- Perfectionisten
Perfectionisme is in z’n beste vorm een gezonde drive om te groeien, maar doseren is de boodschap. Je hoeft niet in alles 100% te geven. Laat jezelf toe om fouten te maken – en om ervan te leren. To fail forward zegt het zo mooi. - “Buitenbeentjes”
Start je ergens nieuw? Ben je expat, junior, vrouw in een mannenteam, iemand met een andere huidskleur of beperking? Dan is het normaal dat je soms het gevoel hebt er niet bij te horen. Dat zegt niets over jouw waarde, wel over de context. - Mensen met een kritische achtergrond
Had je ouders of opvoeders die streng waren of succes afkeurden? Dan is de kans groot dat je onbewust geleerd hebt om je prestaties te minimaliseren.
Herprogrammeer je gedachten
Start je een nieuwe job of project? Denk dan niet automatisch: “ze gaan doorhebben dat ik het niet weet.”
Zeg liever: “het is normaal dat ik me nog onzeker voel — ik ben nog aan het groeien.” Vertrouw erop dat je de capaciteiten hebt om erin te komen.
Gevoelens zijn geen feiten
Je dom voelen betekent niet dat je het ook bént.
Sta jezelf toe om fouten te maken. Wees mild, vraag hulp, en gun jezelf dezelfde vriendelijkheid die je aan een ander zou geven.
Beloon jezelf
Doorbreek het patroon van jezelf voortdurend te bewijzen.
Leer jezelf te waarderen, ook zonder bevestiging van buitenaf. Vier je successen – klein én groot.
En last but not least: laat je coachen ?
Een extern klankbord kan helpen om patronen te herkennen, gedachten te keren en opnieuw vertrouwen op te bouwen.
Herken je jezelf (of toch niet helemaal)?
Doe deze Engelstalige test en ontdek in welke mate jij kenmerken vertoont van het imposter syndrome.
En zeker het bekijken waard is deze ontwapenende TED talk over imposter syndrome. Love the guy!
